U bent hier: R.-k. spiritualiteit / Vormen van vieren / Woorddiensten
Laatst gewijzigd: 16-07-2009

Woorddiensten

Woorddienst

Hoewel vrij nieuw, is de viering van Gods woord een volwaardige vorm van liturgie. In de viering van het woord van God gaat de aandacht uit naar het woord zelf - dat dit woord gehoord en gehoorzaamd worde. Daarom is deze viering vooral getuigend en katechetisch van aard: zij roept de kerk op zichzelf voortdurend te hervormen.

De viering van Gods woord verdient onze volle aandacht, omdat zij de boodschap van de hemel op een nieuwe manier onder de mensen kan brengen. Gods woord moet worden gezongen en gehoord en gedaan; laten we nooit vergeten dat het hier om een volwaardige viering gaat. Zo zou bijzondere aandacht geschonken kunnen worden aan de riten rond de Schrift en aan de inrichting van het priesterkoor, bijvoorbeeld door het plaatsen van een ikoon.

De viering opent meestal met een lied. Tijdens dit lied wordt de Schrift op plechtige wijze binnengedragen en op de lezenaar geplaatst. Dan volgt het kruisteken en de begroeting, eventueel een inleidend woord. De litanie om ontferming en een gebed tot God besluiten de opening.

Het is gebruikelijk dat in een woorddienst drie lezingen worden gelezen, afgewisseld met een antwoordpsalm en voor het evangelie klinkt het alleluia. Na de evangelie-acclamatie volgt een overweging of men kan de lezingen in stilte overwegen. Vervolgens wordt voor de wereld en de kerk gebeden in de voorbeden, welke afgesloten wordt met het Onze Vader. Het gebed om vrede en de vredeswens geven aan dat wij mensen elkaar in vrede willen naderen, binnen en buiten de kerk. De woorddienst besluit met de wegzending, de zegenbede en het slotlied.

De bedienaar van de woorddienst is een ieder die gedoopt en gevormd is en voldoende geschoold om het woord van God te verkondigen.